De fysica van het christelijk geloof

Jaren geleden verraste de astronoom Frank Tipler de wereld met een uiterst curieus boek: The Physics of Immortality(New York: Doubleday 1994) – wat in 1997 in het Nederlands verscheen onder de titel De fysica van onsterfelijkheid (uitg. Anthos; nu alleen nog tweedehands verkrijgbaar). In dit boek betoogt Tipler dat onsterfelijkheid en het bestaan van God geen loze kreten zijn, maar op wetenschappelijke grondslag aangetoond kunnen worden. Een groot deel van het boek bestaat uit een appendix, waarin Tipler met behulp van (voor mij) ingewikkelde wiskundige formules zijn extravagante thesen probeert te onderbouwen.

Ik kan me nog herinneren dat Tipler in Groningen een lezing gaf over zijn boek. De zaal was gevuld met sterrenkundigen, die nieuwsgierig waren naar wat hun gerennomeerde vakgenoot hen te vertellen had. Tipler had altijd al een bepaalde neiging om zich naar de randen van de wetenschap te begeven. Zo schreef hij met zijn Britse collega-astronoom John Barrow een standaardwerk over de antropische cosmologische principes, The Anthropic Cosmological Principle (Oxford: Oxford University Press 1986). In Physics of Immortality gaat Tipler nog een stap verder en probeert hij aan te tonen dat we over een aantal jaren in staat zullen zijn om ons bewustzijn te ‘uploaden’ naar computers, die in robots geplaatst zullen worden en het universum zullen bevolken. Tijdens zijn lezing in Groningen switchte Tipler moeiteloos van citaten van Augustinus naar de ingewikkeldste formules. Het duurde tijdens zijn lezing niet lang, of ik hoorde af en toe rondom mij moeizaam ingehouden gegniffel.

Na dit boek verdween Tipler uit de belangstelling en viel hij bovendien uit de gratie bij collega’s. Hij begon naar Intelligent Design-aanhangers te lonken en schreef enkele artikelen over het slecht-werkende systeem van peer-reviewing, wat alleen vriendjespolitiek zou bevorderen. Niet echt iets waarmee je je bij je collega-wetenschappers populair maakt.

En nu is Tipler terug. Met een boek wat opnieuw opzien zal baren. In mei verschijnt zijn nieuwste boek The Physics of Christianity (New York: Doubleday). In dit boek – wat katholieken, orthodoxe gelovigen, en ID-aanhangers uiterst goed zal bevallen – doet Tipler een aantal opmerkelijke claims. Volgens Amazon.com:

“Tipler begins by outlining the basic concepts of physics for the lay reader and brings to light the underlying connections between physics and theology. In a compelling example, he illustrates how the God depicted by Jews and Christians, the Uncaused First Cause, is completely consistent with the Cosmological Singularity, an entity whose existence is required by physical law. His discussion of the scientific possibility of miracles provides an impressive, credible scientific foundation for many of Christianity’s most astonishing claims, including the Virgin Birth, the Resurrection, and the Incarnation. He even includes specific outlines for practical experiments that can help prove the validity of the “miracles” at the heart of Christianity.”

Oftewel, een boek dat mij uiterst nieuwsgierig maakt, hoewel ik er bij voorbaat al geen snars van geloof!

1 thought on “De fysica van het christelijk geloof

  1. “In a compelling example, he illustrates how the God depicted by Jews and Christians, the Uncaused First Cause, is completely consistent with the Cosmological Singularity, an entity whose existence is required by physical law”.
    Dit “consistent with” betekent helemaal niets. Dat een bewering of hypothese consistent is met de werkelijkheid, is wel het minste, maar dat heeft met geloofwaardigheid van die bewering of hypothese helemaal niets te maken. Hoe vaak moeten we dat nog uitleggen?

Comments are closed.