Hersendruk…

Ik heb momenteel behoorlijk last van hersendruk. Dat is een aandoening waarbij men meer ideeën heeft, dan men op papier kan krijgen. Het is het drukkende gevoel dat er te weinig seconden in een minuut zitten, te weinig minuten in een uur en te weinig uren in een dag…

Uiteraard ben ik niet de enige die aan deze ziekte lijdt. Het is een chronische aandoening die momenteel met name onder academici heerst. Misschien is het nog te vroeg om over een epidemie te spreken. Maar de veranderende aard van het universitaire stelsel heeft er wel voor gezorgd dat het probleem almaar neipender wordt. Vroeger lag bij de universitaire arbeid de nadruk op onderzoek doen. Vandaag de dag ligt formeel de nadruk nog steeds op onderzoek – het is je publicatielijst waarop je als academicus wordt afgerekend – maar in de praktijk ligt de nadruk vooral op onderwijs en bestuurlijke zaken. En daarmee kom je aan schrijven niet meer toe. En dat terwijl een academicus bij uitstek een creatieve persoon is (of zou behoren te zijn; iemand die niet creatief is, hoort aan een universiteit niet thuis), ideeën genereert, die wil publiceren, daar de tijd niet voor heeft, en dus gaat lijden aan, jawel, hersendruk.

De afgelopen dagen heb ik mijn hersendruk gelukkig iets weten te verminderen. De afgelopen weken heb ik me verdiept in de cognitieve verklaringen van religie. Ik heb de dikke boeken van Pascal Boyer en Scott Atran doorgewerkt, heb het (briljante) boekje Why Would Anyone Believe In God? van de cognitieve wetenschapper Justin Barrett doorgespit en volgestreept, en heb veel vakartikelen gelezen. Enerzijds had dit te maken met de drie lezingen en twee workshops die ik in Aken moest geven – drie plenaire lezingen over Intelligent Design, katholieke reacties op de evolutietheorie, en evolutionaire verklaringen van religie – anderzijds had het ook te maken met een intuïtie dat er meer aan de hand is met cognitieve verklaringen van religie dan vaak wordt gedacht. En inderdaad, deze betrekkelijk jonge tak van religiestudies (is pas sinds de jaren ’90 goed in opkomst) is een Fundgrube van ideeën. Verre van een vijand van religieus geloof, zie ik de cognitieve religiewetenschappen als een uitdaging en een vriend voor religie. Ik kom daar nog wel eens op terug. In elk geval heb ik nu een vrij kritisch Engelstalig vakartikel over deze tak van sport geschreven, hetgeen mijn hersendruk enigszins heeft doen afnemen. Het was een behoorlijk bevalling, en de navelstreng is nog niet helemaal doorgeknipt (ik heb het artikel nog niet ingediend, maar het ligt momenteel bij een aantal collega’s die zich er nog over zullen buigen), maar het hoofdje is er…

Maar genezen is mijn hersendruk nog lang niet. Er moeten nog meer artikelen geboren worden. Nog minstens eentje over de rol die de cognitieve religiewetenschappen in de theologie kunnen spelen – met als case study het fenomeen van theological correctness, het fenomeen dat gelovigen tegelijkertijd met parallelle denksporen werken. Zo blijkt dat als je gelovigen vraagt naar hun godsbeeld, dat ze dan met een betrekkelijk abstract, theologisch verhaal aankomen, wat min of meer aansluit bij de officiële theologie. Echter, wanneer je ze een verhaal laat lezen, wat hun hersenen snel moeten verwerken, dan blijkt dat als naar de rol van God in dat verhaal gevraagd wordt, ze dan plotseling van zeer antropomorfe godsbeelden lijken uit te gaan. Justin Barrett heeft dit fenomeen uitgebreid bestudeerd en er een prachtige verklaring voor gevonden, die m.i. ook in de theologie zeer bruikbaar is.

Ik merk dat de ideeën weer toenemen als ik hierover schrijf, en daarmee de hersendruk. Nog een artikel wat ik geboren moet doen worden, is mijn herziene Shulman Lecture die ik in april in Yale heb gehouden. Ik heb die lang laten liggen, omdat na de noeste arbeid aan dat artikel, ik het een tijdje van me af moest zetten. Maar het is terug. Gisteravond ben ik aan de uitgebreide revisie begonnen. En meteen voelde ik hoe de ideeën terugkwamen. Het artikel bolt op, en ik vrees dat ik zal moeten schrappen, totdat de toetsen van mijn laptop zijn afgesleten.

Daarnaast zijn er nog veel andere spannende ontwikkelingen, waar ik binnenkort uitgebreid op zal terugkomen, omdat ik daar op dit moment nog niets over mag zeggen… Maar ze houden me wel bezig…

Mijn hersendruk is dus groot. Teveel ideeën, te weinig tijd, en dan zwijg ik nog maar over de enorme stapel boeken die ik nog wil lezen en de vele blog-items die ik nog wil schrijven. En natuurlijk de lezing over de ziel, evolutietheorie en neurowetenschappen die ik over twee weken in Leuven voor zo’n 500 bezoekers moet houden…

Hersendruk… vreselijk…

1 thought on “Hersendruk…

Comments are closed.