Close

Oxford: God, nature and design (1)

Momenteel zit ik in Oxford om een spannende conferentie mee te maken aan St. Anne’s College over God, Nature and Design. Deze conferentie is door het Ian Ramsey Centre hier in Oxford georganiseerd. Er is een indrukwekkende lijst van hoofdsprekers:

  • John Hedley Brooke: Designing Models of Design
  • Stephen Snobelen: ‘This Most Beautiful System’: Isaac Newton and the Design Argument
  • Richard Swinburne: Could there be a Scientific Explanation of the Evolution of Humans?
  • Holmes Rolston III: Three Big Bangs: Matter-Energy, Life, Mind
  • Michael Ruse: Who Killed the Argument from Design: Hume or Darwin?
  • Ron Numbers: Intelligent Design: Made in America for Global Consumption

Er zijn twee sessies met short papers; in de sessie van zaterdagochtend zal ik mijn paper presenteren. (Ik zal Karl Barths kritiek op de natuurlijke theologie gebruiken om de theologische inadequaatheid van ID aan te geven.)

Gistermiddag, donderdag, begon de conferentie met een indrukwekkende lezing van de historicus John Hedley Brooke. Hij uitte feitelijk enige kritiek op mensen die het “design-argument” altijd maar rationaliseren. Design-argumenten zijn in de geschiedenis op veel manieren gebruikt. Wil je het gebruik van design-argumenten doorgronden, dan zul je naar de context moeten kijken waarin ze gebruikt worden, en naar de functie in die specifieke context.

Aan de hand van historische voorbeelden, liet Brooke bovendien zien dat er in de geschiedenis een grote diversiteit aan design-argumenten is gegeven. Ik citeer van de handout:

  • William Paley and the argument from contrivance
  • Arguments from adaptation of organisms: Lyell and Prof. Ichtyosaurus
  • Nature as a system: Cyclicity in Newton, Priestley & Hutton
  • Arguments from the design of the human mind: Whewell’s epistemology
  • Design in the unity of structure: Richard Owen’s skeletal archetype
  • Meta-level design: Huxley’s ‘higher teleology’; the achievement of good
  • Design in the beauty of nature: God as stylist: Picasso and Hugh Miller
  • Design inferred from laws of nature; e.g. Darwin’s ‘designed laws’
  • Design inferred (despite problems) from directional trends in evolution

Je kunt dan vervolgens vragen: Wat was het doel van al deze design-argumenten? Ook hier liet Brooke zien dat er niet één doel is dat de verschillende argumenten dekt. Opnieuw van de handout:

  • To combat atheism and atheistic readings of nature: Francis Bacon and atomism
  • To constitute an apologia for science against a background of religious suspicion
  • To reassure the waverer [= twijfelaar] within religious communities: steam engines to the rescue [Whewell]
  • To establish common ground between religious cultures: design versus discord
  • To reassure oneself or simply to integrate one’s interest in both science & religion [Brooke zei dat het huidige debat tussen geloof en wetenschap, vooral door voormalige wetenschappers ondernomen, deze existentiële en psychologische functie had]
  • To defend political agendas: occasionally reformist but often a ‘cosmic’ Toryism [arguments to design of nature worden aangewend als arguments voor het design van een samenleving]

‘s Avonds hield Stephen Snobelen – de directeur van het Newton Project – een interessante lezing over Newtons design argument. Dat Newton in zijn Scholium van de Principia een ontwerpargument geeft, is al bekend. Er is echter zeer weinig onderzoek gedaan naar andere uitlatingen van Newton over een kosmisch design. Snobelen ging aan de hand van allerlei citaten uit Newtons gepubliceerde en ongepubliceerde werk na wat Newton over een kosmisch design te zeggen had. Daarbij kwam het tot een interessante constatering.

Bij Newton kun je twee soorten design-argumenten ontdekken. Enerzijds is er gewoon een discursief of deductief argument dat van de structuur van de kosmos concludeert tot een ontwerper. Anderzijds, zo zei Snobelen, zie je dat er ook een ander soort design-argument meespeelt. Daar kom je achter als je op de beschrijvingen van Newton let: hij spreekt dan over ‘simplicity’, ‘symmetry’, ‘beauty’, ‘harmony’ en dergelijke. Hier is een sterk esthetisch en intuïtief element aanwezig. Iemand wordt geraakt door design. ’s Middags had Brooke hier ook al op gewezen door middel van een citaat van William Whewell:

“When we collect design and purpose from the arrangements of the universe, we do not arrive at our conclusion by a train of deductive reasoning, but by the conviction which such combinations as we perceive, immediately and directly impress upon the mind”

De stelling nu van Snobelen was, dat het aesthetic design argument wellicht de default positie was, waarbij mensen getroffen worden door de schoonheid en elegantie van de kosmos, en dat het rational design argument een soort van filosofische (re)constructie was. Bij Paley en ID wordt sterk de nadruk gelegd op het rationele aspect; in de Bijbel, Griekse filosofie, en ook in de tijd van Newton zie je sterk de nadruk liggen op het esthetische aspect.

De ideeën maalden tegen die tijd door mijn hoofd. Ik denk inderdaad dat veel gelovigen die zeggen een soort design in de wereld te ontwaren, vooral dat esthetische niveau voor ogen hebben. Maar dat esthetische niveau is niet te verwarren met een argumentatief-rationeel niveau en is door het sterk subjectieve karakter ervan ook niet voor wetenschap toegankelijk. Sterker nog, het esthetische oordeel van design wordt bij velen wellicht zelfs opgeroepen door de wetenschappelijke kennis. Ik weet dat dat in ieder geval zo bij mezelf werkt: Ik ben zo ongelooflijk onder de indruk van wat de wetenschap over onze kosmos openbaart, dat ik God-taal heel toepasselijk vind om over de kosmos te spreken. Dat ik over God spreek in een dergelijke context wil dan niet zeggen dat er voor God een plaatsje binnen de wetenschap gereserveerd zou moeten worden, en wordt ook niet opgeroepen door ‘gaten’ in de wetenschap of iets dergelijks. Nee, het spreken over een Schepper-God is een reactie die ontstaat door de ontmoeting met de schoonheid en elegantie van de kosmos. Het is een esthetisch oordeel, niet de conclusie van een redenering.

Wetenschap kan zo zelf bron worden van spreken over ontwerp, maar niet op de manier zoals ID dat voor zich ziet.

2 thoughts on “Oxford: God, nature and design (1)

  1. Taede: (Ik zal Karl Barths kritiek op de natuurlijke theologie gebruiken om de theologische inadequaatheid van ID aan te geven.) Kun je een voor leken begrijpelijke samenvatting geven?
    “Ik denk inderdaad dat veel gelovigen die zeggen een soort design in de wereld te ontwaren, vooral dat esthetische niveau voor ogen hebben.”. Dit lijkt mij typisch van toepassing op Han Zuilhof wanneer hij zegt dat hij ID als wetenschappelijke theorie verwerpt maar privé wel in ontwerp gelooft.

Comments are closed.

%d bloggers like this: