Van idee via woord tot tekst… maar hoe?

Een literatuuroverzicht van boeken over schrijven

Van idee via woord tot tekst… maar hoe?

Door Taede A. Smedes

Het schrijven van wat voor tekst ook is een proces vol obstakels en valkuilen. Een van de meest voorkomende problemen bij het schrijfproces is een writer’s block: je slaat vast en je weet niet hoe je verder moet. Er zijn echter boeken die op een inspirerende wijze het writer’s block en andere problemen van het schrijfproces analyseren, en die stimuleren tot het (figuurlijke) weer oppakken van de pen. Een persoonlijk getint literatuuroverzicht.

Ik ben iemand die graag schrijft en die eigenlijk momenteel het schrijven ook niet kan laten. Het is verslavend – vooral als je weet dat wat je schrijft ook gelezen wordt. Maar schrijven is ook noeste arbeid, hard werk. Al heb je nog zoveel talent, schrijven lukt alleen als je het vaak doet. En af en toe wil het schrijven ook wel eens tegenvallen. Dan heb je een writer’s block. Je hebt je dag niet, bent uit je humeur, en je muze wil niet komen. En wat doe je dan? Dan kun je in mijn optiek twee dingen doen: je zou je computer uit kunnen zetten om met een fles drank voor de TV je schrijfzorgen te vergeten. Maar dat is niet bevorderlijk voor je creativiteit (om nog te zwijgen over de gevolgen voor je gezondheid). Wat ik in zo’n geval vaak doe, is bladeren in boeken die mij weer enthousiast maken om verder te schrijven. Dat is geen wondermiddel, het werkt soms niet, maar in de meeste gevallen wel. Ik vind het stimulerend om over schrijven te lezen. Ik krijg er inspiratie van, en wil dan zelf ook gaan schrijven. En zo zit ik dan zomaar weer in mijn flow.

Maar de volgende vraag is dan: om welke boeken gaat het dan? Daarover gaat dit artikel. Ik wil een lijstje geven als leidraad met daarin de boeken die ik (zeer) inspirerend vind en die mij onrustig maken zodat ik zelf ook weer wil schrijven. En hoe meer ik schrijf, hoe meer ideeën ik krijg. Maar op gang komen is altijd het moeilijkst. Ik hoop dat de volgende lijst daarbij kan helpen. De eerste kanttekening hierbij is dat het een persoonlijk getinte lijst is: het gaat om boeken die ik behulpzaam vind. Die hoeven niet voor iedereen te werken, maar dat moet de lezer zelf uitzoeken. Vervolgens: het gaat met name om Engelstalige boeken. Dat komt omdat ik eigenlijk nog geen Nederlandse boeken heb gevonden die het niveau van onderstaande boeken halen. Sterker nog, op het moment is er vrijwel geen enkel Nederlands boek wat op een inspirerende wijze alle aspecten van het schrijven van (met name nonfictie-) teksten behandelt.

Het enige boek wat een plezierige maar gelimiteerde uitzondering vormt, is het boek van Peter Burger & Jaap de Jong, Handboek Stijl: Adviezen voor aantrekkelijk schrijven (Den Haag: SDU Uitgevers 1997). Dit is een zeer plezierig boek, maar gaat vrijwel alleen in op stijlaspecten en zwijgt over de overige processen die rond het schrijven van teksten een rol spelen. De volgende lijst van boeken wil op het boek van Burger & De Jong een aanvulling zijn.

Allereerst is daar het boek van Peter Elbow, Writing with Power: Techniques for Mastering the Writing Process (Second Edition, New York/Oxford: Oxford University Press 1998). Dit is mijn favoriete schrijfboek. Elbow benadert in zijn boek het schrijfproces van een aantal kanten. Heel kort gesteld kun je twee soorten processen onderscheiden: het lineaire proces van plannen (waarbij de meeste tijd in de voorbereiding van het schrijven gaat zitten: de research en het structureren van de tekst) en het nonlineaire proces van schrijven (waarbij de meeste tijd gaat zitten in het redigeren: het afwerken en bijschaven van de tekst). Elbows voorkeur gaat uit naar de tweede aanpak: begin gewoon te schrijven wat er in je opkomt en ga pas als je klaar bent zitten om je tekst(en) te redigeren. Elbow is zich ervan bewust dat schrijven vaak gepaard gaat met een bepaalde flow en die wil je natuurlijk op gang brengen – en beginnen met schrijven is de beste manier om precies dat te doen. Ga gewoon zitten, begin, en kijk waar je uiteindelijk uit komt – en ga daarna pas redigeren. Zet de kritische redacteur in je hoofd, die in de meeste gevallen al aan het werk is als je begint met schrijven, even uit, en laat je meeslepen door je eigen tekst. Elbow geeft veel tips en technieken en is in dit boek een zeer inspirerende leraar.

Een ander boek wat ik op mijn bureau heb staan is William Zinsser, On Writing Well: The Classic Guide to Writing Nonfiction (New York: HarperCollins 2001). Ook dit is een inspirerend boek. Zinsser geeft hier de tricks of the trade aan die je nodig hebt om een bepaald genre te schrijven. Zijn benadering heeft twee sterke punten: ten eerste meent hij dat je in alles wat je schrijft het menselijke uitgangspunt moet zoeken. Mensen lezen immers graag over mensen. Laat het menselijk aspect van je onderwerp dan ook zoveel mogelijk de lens zijn waardoorheen je je onderwerp benadert. Schrijf je over quantumfysica? Zoek dan een aansprekend voorbeeld, of begin zelfs met een enthousiaste natuurkundige die in de quantumfysica werkt en ga na wat hem/haar boeit aan dit veld. Ten tweede benadert hij nonfictie als een vorm van literatuur. Dit betekent dat hij iedere vorm van nonfictie als een verhaal benadert. En een verhaal kent een bepaalde structuur, waarbij de auteur die structuur zelf kan aanpassen aan zijn/haar stijl. Zo wordt zelfs het wetenschappelijke ‘kortje’ opgevat als het vertellen van een verhaal – en met die insteek benader je het schrijven van zo’n kortje al heel anders dan wanneer je het opvat als een feitenrelaas. Zinsser geeft zeer veel voorbeelden om zijn punten duidelijk te maken. De schrijfstijl van het boek is luchtig en humoristisch (niet onbelangrijk).

Rudolf Flesch & A.H. Lass, The Classic Guide to Better Writing (New York: HarperCollins 1996) is ook een boek wat ik altijd onder handbereik heb. In dit boek worden vrijwel alle aspecten van het schrijversvak uitgediept, en het is dan ook niet een boek wat je liever maar niet in één keer uitleest om een information overload te voorkomen. Toch is ook dit een fantastisch handboek. Want stel jezelf eens deze vraag: Hoe zou jij een huis beschrijven? Waar begin je? Hoe zou je je tekst structureren en je le
zer meenemen door een huis? Dit boek geeft op die vraag een antwoord. En het is slechts één van de vele voorbeelden die dit boek rijk is. Het bevat bovendien oefeningen om je schrijfvaardigheid op te voeren. Hierbij moet wel worden aangetekend dat het boek zich vooral op het schrijven van Engelse teksten richt. Dit geldt dan vooral voor taalkundige zaken. Veel van de stylistische opmerkingen en opmerkingen over de structuur van de tekst en het schrijfproces zijn ook nuttig voor het schrijven van Nederlandse teksten.

Een writer’s block komt vooral vaak voor als je een bepaalde streefdatum hebt. Sommige mensen werken juist goed onder spanning, anderen slaan compleet dicht. Een vruchtbare methode om toch de beste teksten teksten (wat voor teksten dan ook, van zakelijke rapporten tot krantenartikelen) onder tijdsdruk te produceren, staat beschreven in het boek van Sanford Kaye, Writing Under Pressure: The Quick Writing Process (New York/Oxford: Oxford University Press 1989). Kaye is iemand van de planning-methode, maar mijn ervaring is dat je dit boek ook uitstekend kunt gebruiken als je fan bent van Elbows freewriting-methode. Kaye geeft op inspirerende wijze aan hoe je in een paar uur een tekst in elkaar zet, waar je op moet letten, wat je weglaat, etc. Het eerste deel van het boek beschrijft Kayes quick writing method, het tweede deel gaat vooral in op hoe je met tijdsdruk omgaat. Er zit een heel hoofdstuk in over “Generating and Producing Research Writing” en het is dan ook uitermate geschikt voor (wetenschaps)journalistieke projecten.

Elise Hancock, Ideas into Words: Mastering the Craft of Science Writing (Baltimore/London: The Johns Hopkins University Press 2003) is ook weer een klein briljantje in de onoverzichtelijke wereld van schrijfboeken. Dit is een boek wat draait om tips over het schrijfproces. Het uitgangspunt van Hancock is dat schrijven a matter of attitude is: schrijven is niet iets wat je doet, je bent een schrijver of je bent het niet. Het gaat om een houding, die je aanneemt. Je moet hier tegen kunnen, tegen een dergelijke benadering. Want je krijgt tips als “Be a writer at all times, not only when you sit down at the keyboard. The more you live as a writer, the easier it will be to write, because much of daily life will serve as practice. The way you speak, listen, watch, and read will have much to do with how well you write” (9). Misschien denk je: er is toch meer dan schrijven alleen? Maar dat lijkt voor Hancock niet het geval. Toch is dit een inspirerend boek, omdat haar tips erg down to earth zijn. “Make no effort to be original” (7), of “Always carry a notebook” (22), of “Write out loud, mumbling or whispering to yourself as you write” (96) zijn enkele tips waaromheen Hancock haar tekst weeft. Ik vind het boek een juweeltje wat bij iedere hoogleraar én wetenschapsjournalist in de kast hoort te staan – maar nuttig het boek met mate.

Een boek met een hoog popiejopie-gehalte (wat schrijfstijl betreft), maar mede daardoor ook erg toegankelijk geschreven is, is het boek van David A. Fryxell, Write Faster, Write Better (Cincinnati: Witer’s Digest Books 2004). Veel tips die Fryxell geeft, zijn ook te vinden in de hierboven genoemde boeken. Toch is dit boek de aanschaf waard. Dat komt omdat Fryxell behalve auteur ook redacteur is. Hij deelt vanuit zijn eigen praktijkervaring aan schrijvers mee hoe een redacteur teksten benadert, en hiermee kan de schrijver zijn/haar voordeel doen. Bovendien geeft Fryxell tips met betrekking tot zaken als: hoe richt je je leven in als schrijver? Hoe vind ik snel ideeën? Hoe vind ik op internet mijn weg? Hoe moet ik interviews verwerken? Hoe begin ik een tekst? Hoe ga ik op met een writer’s block? Fryxell neemt je mee door alle stadia van het schrijven van een tekst: van het gaan zitten achter je bureau, via het afleveren van de eerste volledige kladversie, tot het uiteindelijke manuscript.

Een ander boek dat een kijkje in de keuken van de redacteur geeft, is Robin Derricourt, An Author’s Guide to Scholarly Publishing (Princeton: Princeton University Press 1996). Hoewel de nadruk ligt op het schrijven van artikelen voor vaktijdschriften (het is dus voor mensen die aan de universiteit werken en moeten publiceren ook van belang), gaat Derricourt in op alle aspecten van het schrijverschap: van het maken van het manuscript, het benaderen van een uitgever, het publicatieproces, het marketen van je boek en de rol van publiceren in de Academie. Hij gaat daarbij niet in op hoe je een boek/artikel schrijft, maar wat je met een boek of artikel doet wanneer je het geschreven hebt. Derricourts boek is geschreven als een bundel brieven van de redacteur aan schrijvers met vragen. Daardoor leest het makkelijk, maar zit het boordevol tips.

Andere boeken die ik niet meer uitgebreid bespreek, maar die ik zeer de moeite waard vind, zijn:

David Canter & Gavin Fairbairn, Becoming an Author: Advice for Academics and Other Professionals (Berkshire: Open University Press 2006).

William E. Blundell, The Art and Craft of Feature Writing: Based on The Wall Street Journal Guide (New York: Penguin Books 1988).

Henriette Anne Klauser, Writing on Both Sides of the Brain: Breakthrough Techniques for People Who Write (New York: HarperCollins 1987).

© 2006 – Taede A. Smedes

3 thoughts on “Van idee via woord tot tekst… maar hoe?”

  1. Beste J.L. Jones,
    Ja, dat er veel Nederlandse titels missen begrijp ik – maar toen ik bovenstaand artikel schreef, was er in het Nederlands zeer weinig voorhanden. En vooral zeer weinig inspirerend materiaal. Het verandert ondertussen wel. Zo verschijnen er nu delen in “De Schrijfbibliotheek” (uitgegeven door uitgeverij Augustus) die mooi zijn, maar veelal zeer beknopt. En ik zag dat jezelf ook een boek had geschreven, wat ik (nog) niet ken.
    Als je me een exemplaar toestuurt (stuur evt. maar een mailtje voor het adres) zal ik het op mijn weblog uitgebreid bespreken! Laat maar weten of je hiervoor belangstelling hebt.

  2. Ja de boeken van uitgeverij Augustus zijn ook heel goed. Ze lijken beknopt maar het zijn bepaalde aspecten van het schrijven uitgelicht.
    Op dit moment is er helaas geen budget meer voor recensie-exemplaren maar mocht die er weer komen dan houd ik deze site in gedachten.
    groetjes J.L.

Comments are closed.