Close

“Is het de schuld van de ENE?” van Sam Janse. Over monotheïsme en religieus geweld (boekbespreking)

De Bijbel is een buitengewoon gewelddadig boek. Toch zijn er nog genoeg dominees en theologen die het bijbelse geweld vergoelijken. Theoloog Sam Janse vindt dat niet van deze tijd. In eerdere publicaties heeft Janse zich al uitgebreid beziggehouden met religie en geweld. In zijn uiterst relevante en actuele boek Is het de schuld van de ENE? dat recentelijk verscheen, gaat hij in op het geweld in de Bijbel en op het vermeende geweldspotentieel van het monotheïsme.

Ik erger me vaak wanneer theologen en predikanten weer eens proberen het geweld in de Bijbel weg te moffelen of glad te strijken. Sam Janse wil daar ook niets van weten. Maar ik erger me ook vaak aan rabiate atheïsten als Richard Dawkins, die niet gehinderd door hun gebrek aan kennis de Bijbel, godsgeloof en geweld aan elkaar koppelen. Ook daar wil Janse niets van weten.

Janse pleit ervoor dat we accepteren dat de Bijbel vol gruwelijk geweld staat, dat de Bijbel mensvormig over God spreekt en denkt en dus ook meent dat God opdracht geeft tot gruwelijk geweld: ‘Er zijn nogal wat bijbelteksten die ons aan IS doen denken’ (122). Accepteren dat het er staat maar vervolgens dat geweld afwijzen, dat is het devies van Janse. Ergens is er volgens Janse een moment waarop je als gelovige moet erkennen: ‘Dit is onmenselijk. Voor zover ik iets van God begrepen heb, kan dit niet zijn bedoeling zijn’ (122). Of anders gesteld:

Hoe we het ook wenden of keren, eenentwintigste-eeuwers, IS-sympathisanten daargelaten, kunnen niets goeds meer ervaren in een gebod om een hele stad, een hele stam, een heel volk, vrouwen en kinderen incluis, uit te moorden. Het moet ergens in een oud-oosters brein als Gode welgevallig boven zijn gekomen, maar zo werkt ons brein niet meer. Ook niet als het zou gaan om een eenmalig gebod van God dat alleen de Israëlieten toen en daar gold. Het bevel wordt er minder gevaarlijk door, maar niet minder afschuwelijk en strijdig met wat wij als goed ervaren. (131)

Anderzijds geeft hij aan atheïsten de boodschap mee dat de relatie tussen Bijbel, monotheïsme en geweld veel genuanceerder ligt dan wordt voorgesteld. Kort samengevat: ‘Het is duidelijk te maken dat gewelddadige bijbelteksten in een bepaalde context ontstaan zijn, dat het geweld in deze teksten een functie heeft gehad, maar dat veel van dit geweld in tweede instantie ook weer weggefilterd wordt uit de Bijbel. Dat moet aan de bijbellezers binnen en buiten de kerk uitgelegd worden en ik vind dat veel dominees en andere theologen daarin te kort schieten’ (10).

Het ‘meerdimensionale’ cluster Bijbel-monotheïsme-geweld staat dus in dit boek centraal. Janse gaat allereerst in op de these van de Duitse religiewetenschapper Jan Assmann, die stelt dat religieus geweld in het polytheïsme vrijwel afwezig was en met het monotheïsme ontstond (de zogenaamde ‘mozaïsche onderscheiding’). Janse geeft een prachtige en voor Nederland unieke samenvatting van de heftige discussies die in Duitsland n.a.v. Assmanns these hebben plaatsgehad.

Een andere aanleiding is in Nederland het ‘monotheïstische dilemma’ zoals dat door Paul Cliteur verwoord werd. Cliteur zegt veel, en zegt eigenlijk hetzelfde als Assmann, maar terwijl in Duitsland een heftige publieke discussie gevoerd werd over de thesen van Assmann, is dat in Nederland nauwelijks het geval geweest, meent Janse. Cliteur wordt door theologen vrijwel niet besproken, en dat vindt Janse onbegrijpelijk. En wie dit boek gelezen heeft, kan niet anders dan hem daarin gelijk geven.

Janse gaat vervolgens in op bijbelse sleutelteksten en sleutelwoorden wat betreft geweld (zoals het offer van Isaak dat God van Abraham eist). Hij bespreekt de these van bijbelwetenschappers dat er in het Oude Testament een ontwikkeling gaande is naar een ‘gezuiverd monotheïsme’, dat geweld verwerpt. Hij gaat in op vroeg-joodse en rabbijnse discussies over geweld in de Bijbel, op vroeg-christelijke reacties. En in het hoofdstuk ‘Niet verdedigen wat niet te verdedigen is’ geeft hij schrijnende voorbeelden van hoe theologen proberen het bijbelse geweld glad te strijken en te vergoelijken.

Zonder in apologetiek te vervallen, bespreekt Janse ook dat het monotheïsme talloze ‘witte pagina’s’ kent, en hij wijst op bijbelse teksten waarin het draait om onrechtvaardigheid en opkomen voor de zwakkeren. Hij verwijt met name Cliteur dat die te weinig oog heeft voor die witte pagina’s. Janse schetst een theoretisch-hermeneutisch raamwerk dat gelovigen wil helpen om de Bijbel serieus te nemen zonder dat geweld vergoelijkt hoeft te worden. Ik kan het niet allemaal bespreken, er staat veel, heel veel in dit boek dat zeer de moeite waard is om te lezen. En alsof het allemaal niet op kan, vindt in het laatste deel een waardige en respectvolle uitwisseling plaats tussen Paul Cliteur en Sam Janse.

Dit boek verdient het door gelovigen en atheïsten gelezen te worden. Het boek is laagdrempelig en goed geschreven, Janse is fair wat betreft de weergave van Assmann en Cliteur – wat die laatste in het boek enkele malen expliciet toegeeft – en accepteert bovendien veel van de atheïstische kritiek. Hij zoekt daarbij wel de nuance, door te laten zien dat het allemaal niet zwart-wit is. Hij doet dat, zoals gezegd, zonder apologetisch te worden. De onvoorwaardelijke afwijzing van het monotheïstische geweld van de Bijbel sprak me nog het meest aan, onomwonden, zoals je maar weinig bij theologen tegenkomt.

Wat ik dan wel bijzonder jammer vind, is het besluit van uitgeverij Boekencentrum om dit boek niet op de normale manier uit te geven. Het is namelijk uitgegeven als een samenwerkingsverband met BoekScout onder de uitgeversnaam ‘bc-bs’. Het boek is dus uitgegeven als print-on-demand. In eerste instantie was het boek zelfs niet te vinden op de website van Boekencentrum, dat is ondertussen gelukkig aangepast. Ik heb Boekencentrum Uitgevers om een reactie gevraagd waarom het boek niet in hun reguliere fonds is opgenomen, en ontving van directeur Arjan van Trigt de volgende reactie:

Dit boek is onder BC-BS uitgegeven omdat ik dit boek ook zeer waardevol vond, maar er weinig verkoop van verwachtte. Juist om dit soort boeken toch te kunnen blijven uitgeven, hebben we een samenwerking met Boekscout opgetuigd. Hiermee kunnen wij belangrijke auteurs met relevante manuscripten voor een kleine doelgroep toch van dienst zijn.

Het is dus een goedkope manier om boeken uit te geven (namelijk print-on-demand), en de enige rol die de uitgever nog speelt, is een bemiddelende en communicatieve.

Ik vrees dat dit boek daarmee onder de radar zal blijven, aangezien veel boekwinkels meestal niet geneigd zijn print-on-demand titels aan te schaffen – en met goed recht, aangezien er ook heel veel bagger als print-on-demand uitkomt. Daar komt bij dat het boek echt als print-on-demand aanvoelt: goedkoop omslagje van het soort karton dat spontaan de neiging heeft om te gaan krullen, goedkope papiersoort en zo stevig ingebonden dat het niet open wil blijven liggen tenzij je de rug wilt knakken en dus het boek compleet wilt vernielen. Eerlijk is eerlijk: het boek is niet erg aantrekkelijk uitgegeven. Ik vind dat jammer. Dit boek verdient gewoon beter.

Gelukkig is het boek eenvoudig (en zonder verzendkosten!) bij Bol.com te bestellen.

Is het de schuld van de ENE? In gesprek met Paul Cliteur en anderen over monotheïsme en geweld.

Sam Janse.

BC-BS, 2017. Paperback. 224 pp.

ISBN 9789402231359. € 20,99

%d bloggers like this: